Verslag – Lokale verkiezingen

17 sep

discussie van dinsdag 10 juli 2012, Antwerpen

Hier volgt het verslag van de discussie van dinsdag 10 juli 2012 over lokale verkiezingen. Onvermijdelijk handelde de discussie over de democratie. Het was de tweede keer dat er over democratie werd gediscussieerd in de discussiegroep (de eerste keer was in oktober 2011: inleiding + verslag). Met opzet is het verslag geen korte schets van de discussie, maar een meer uitgebreide uiteenzetting van de argumenten. Dit lijkt me belangrijk voor toekomstige discussies, opdat we kunnen ingaan op de punten waar verschillen heersen.

De democratie: welke definitie?

De inleiding maakte duidelijk dat het vraagstuk van de verkiezingen, op welk bestuurlijk niveau dan ook, onlosmakelijk verbonden is aan het vraagstuk van de democratie. Wat verstaan we echter onder “democratie”? In de discussie werd dan een onderscheid gemaakt tussen directe en indirecte democratie, parlementaire en buiten-parlementaire democratie, lokale en globale, arbeiders- en volksdemocratie. Ik stel hier dat het tot niets dient naar een absolute definitie van “(totale) democratie” te zoeken (zoals het geval leek  op de discussie van 4 oktober 2011), net als het onzinnig is naar een absolute definitie van “vrijheid” of “gelijkheid” te zoeken. Een lijfeigene is vrij t.o.v. een slaaf, want hij is geen eigendom van een meester. Een arbeider is vrij t.o.v. een lijfeigene, want hij kan gaan en staan waar hij wil en is niet gebonden aan een lap grond (het gaat hier om een juridisch principe, niet om de concrete werkelijkheid).

Om de vraag van de definitie te beantwoorden is een historische benadering van de term noodzakelijk. Op de discussie kwam deze benadering aan bod: het woord “democratie” is geboren in de Griekse maatschappij van de Oudheid. Het was de bestuursvorm van stadsstaten, zoals Athene, waarbij de burgers van de staat regelmatig vergaderden om over wetten te discussiëren en te stemmen. Die burgers staan niet gelijk aan alle inwoners: slaven, vrouwen en vreemdelingen hadden geen zeggenschap of stemrecht.[1]

Sinds de oudheid heeft de betekenis van “democratie” veranderingen ondergaan. Vandaag lijken de meeste mensen onder het woord een “parlementaire democratie” (geboren in het 17de eeuwse Engeland)[2] te verstaan, m.a.w. de bestuursvorm van sommige huidige staten. Om deze reden wordt door sommige deelnemers van de discussie de “democratie” afgewezen. De parlementaire democratie is maar een wijze om de kapitalistische staat te beheren, en het is dus geen bestuursvorm die kan worden gebruikt voor een post-kapitalistische maatschappij te bereiken of te beheren.

Post-kapitalistische maatschappij: welke organisatorische kern?

In de discussie was iedereen het erover eens dat het kapitalisme moet verdwijnen en plaats ruimen voor een nieuwe maatschappij, die de problemen werkelijk aanpakt. Het ging dan ook even om hoe die maatschappij zou moeten worden bestuurd. Volgens één deelnemer moet dit gebeuren via lokale, niet-kapitalistische gemeenteraden. Ik geloof dat hij met “gemeente” niet het formele niveau binnen de kapitalistische staat bedoelt, maar eerder commune  of “gemeenschap” (verbeter me indien ik fout ben!). Het is echter soms onduidelijk wanneer hij de kapitalistische en wanneer de post-kapitalistische bedoelt, wat volgens mij voor verwarring zorgt. De kiem van deze toekomstige gemeenteraden ligt in lokale wijkraden.

In de discussie werden ook arbeidersraden genoemd, die een organisatorische kiem kunnen zijn van een volgende maatschappij. Op arbeidersraden als kiem van een post-kapitalistische maatschappij (een “echte” democratie, communisme, socialisme…) werd verder niet ingegaan.

Verkiezingen en parlementaire democratie (globaal, nationaal en lokaal): een strijdmiddel?

Welke houding t.o.v. de (kapitalistische/burgerlijke) verkiezingen? Verschillende visies staken de kop op. Ik probeer ze hier accuraat te schetsen, maar het kan zijn dat ik bepaalde visies verkeerd heb begrepen. Kritieken zijn dus volkomen welkom en gewenst.

  1. Het is nodig dat linkse anti-kapitalistische partijen een nieuw leven blazen in het parlement. In het parlement worden immers geen fundamentele vragen meer gesteld, er worden geen ideologische debatten meer gevoerd, er wordt niet ingegaan op overtuigingen, er vindt een soort depolitisering plaats, er lijkt maar 1 weg meer te zijn, de democratie lijkt vandaag totaal ten dienste te zijn van het kapitalisme.
  2. Het is nodig dat linkse anti-kapitalisten deelnemen aan de (lokale of nationale) verkiezingen en zo veel mogelijk zetels halen om vervolgens het parlement of de gemeenteraad zelf te veroordelen als instrumenten van staat en kapitaal en zelfs het parlement/de gemeenteraad zelf op te heffen. M.a.w. het (nationale of lokale) parlement wordt gebruikt als tribune om bepaalde ideeën te verspreiden en door verovering van het parlement kan het per decreet worden afgeschaft.
  3. Deelname aan de verkiezingen is nutteloos geworden sinds het kapitalisme een systeem in verval is en geen fundamentele en globale verbeteringen/vooruitgang meer kan bieden: elke verbetering op één bepaald vlak wordt tenietgedaan door een evenredige of nog grotere verslechtering op een ander vlak. Deelname aan verkiezingen versterkt enkel de illusie dat het parlement (lokaal of nationaal) iets fundamenteel kan veranderen. Enkel strijd onafhankelijk van het parlement biedt perspectieven voor de toekomst.[3]

Enkele opmerkingen uit de discussie bij de bovenstaande standpunten:

–        Het gaat hier niet om een nieuwe discussie, maar één die al werd gevoerd binnen de sociaal-democratie op het einde van de 19de en het begin van de 20ste eeuw, toen 2 vleugels zich vormden: de reformistische en de revolutionaire. Wij staan vandaag 100 jaar verder en hebben het voordeel van de ervaring: zijn er vandaag landen (geweest) die via het parlement de maatschappij effectief hebben veranderd?

–        De discussie gaat hier niet om het gebruik van een nationaal of internationaal parlement, maar eerder een lokaal parlement, wat aantoont dat de (parlementaire) democratie al aan geloofwaardigheid heeft ingeboet.

–        Indien het parlement als tribune wordt gezien,impliceert dit dan niet dat je best  op Peter Mertens (kopstuk van de Belgische PVDA) stemt? Hij zou immers Patrick Janssens en Bart De Wever kunnen aanklagen als verdedigers van het systeem. Of heeft de tribune eerder een vormende/educatieve rol te spelen t.o.v. het proletariaat? Dit dachten/denken vele “communisten” (= stalinisten en trotskisten). Het “democratische” regime kan echter haar (zogenaamde) vijanden gebruiken om zichzelf een schijn van openheid te geven.

–        Debatten in het parlement zijn inderdaad afgevlakt. Het gaat om debatten over het beheer van het kapitalisme, niet over de verdwijning ervan. Aangezien de crisis weinig keuzes laat aan de heersende klasse, zijn de standpunten niet uiteenlopend en is er maar weinig tot één keuze over. De crisis van het kapitalisme drijft tot een zeker eenvormigheid van de standpunten binnen de burgerij.  Ik wil hieraan toevoegen dat er in een zekere is er dus een tendens is tot totalitarisme: een toenemende machtsconcentratie in de handen van de staat, die graag grip heeft op “alles en iedereen”. Dit uit zich o.a. in een versmelting van wetgevende en uitvoerende macht.[4]

Vorm en inhoud

Deelnemen aan de verkiezingen of niet? Zelforganisatie of niet? In welk licht stellen we deze vraag? Om het kapitalisme te overstijgen of om binnen het systeem betere keuzes te maken m.a.w. haar beter te beheren? Inhoud en vorm van de strijd zijn niet onafhankelijk: mensen bijeenbrengen zonder gemeenschappelijk project leidt nergens toe en “basisdemocratische” methodes kunnen gebruikt worden in het voordeel van het kapitalisme. In het onderwijs wordt bijv. steeds vaker het budgetbeheer overgelaten aan de onderste treden van haar organisatie: “Hier is het budget, doe er mee wat je wil.” De parameters worden bepaald door het systeem, maar de basis “beslist”. Dit leidt tot een soort zelfuitbuiting.

Hetzelfde geldt voor het voorstel van een wereldregering met een wereldparlement.  Volgens één iemand is een democratie op wereldvlak een tegenspraak op zich, want democratie vereist de deelname en inspraak van allen. Volgens mij is de hoofdvraag hier opnieuw: met welk doel dan? Om het kapitalisme te overstijgen of het anders te beheren? Is een wereldregering binnen het kapitalisme wel mogelijk? De VN is één van de instrumenten van de bourgeoisie voor diplomatische of openlijke oorlogvoering. De EU toont dat een eenmaking van nationale staten tot één federatie of één nieuwe staat onmogelijk is binnen het kapitalisme, laat staan of het wenselijk is.

Binnen de Occupy en Indignados had de zelforganisatie een doel (een systeemkritiek en het zoeken naar alternatieven op het systeem) en dus een perspectief. Het gaat om bewegingen die niet van bovenaf zijn opgelegd en mensen samenbrengt en niet opsluit in hun “lokale” gemeenschap. Hierop antwoordde iemand echter dat je zowel op lokaal als globaal niveau actief kan zijn en dat beiden elkaar niet uitsluiten. In Occupy/Indignados werd/wordt gezocht naar een gezonde debatcultuur, waarin meningen zonder angst kunnen worden geuit en standpunten niet worden opgelegd.

Voorbije en toekomstige discussies

Er werden 2 discussie-onderwerpen voorgesteld: “waarom is links verdeeld?” en “media en klassenbewustzijn”. Er werd gestemd en het eerste thema werd gekozen. Op het moment van schrijven zijn we al een discussie verder en door onvoorziene omstandigheden hadden we het dan toch over “media en klassenbuwstzijn”. De komende discussie gaat door op disndagavond 9 oktober en handelt over de verdeeldheid van links.

Yann/17 september 2012


[1] Zie ook Class struggles in the ancient Greek worlddoor G.E.M. de Ste. Croix

[2] Zie ook het Wikipedia-artikel over het “Parliament of England” en de IKS-artikels over de Engelse revolutie: deel 1, deel 2 en deel 3.

[3] N.B. De opsomming van deze standpunten maakt duidelijk dat de discussiegroep niet uitgepraat is en dat er wel degelijk verschillende standpunten leven.

[4] Over de verstaatsing van de maatschappij schreef Internationalisme (krant van de franse communistische linkerzijde) in 1952 een artikel: The evolution of capitalism and the new perspective.

No comments yet

Leave a Reply